Langs de Nederlandse snelwegen liggen vele tientallen verzorgingsplaatsen met vaak bijzondere namen. Meestal rijden we er gedachteloos aan voorbij, zonder te weten dat er achter veel van die namen een interessante geschiedenis schuilgaat. In deze reeks staat steeds de geschiedenis van één zo’n naam centraal.

Ik reed met mijn auto over de A58 door Zuid-Beveland richting Noord-Brabant. Iets voorbij Kruiningen stopte ik bij verzorgingsplaats Voetpomp. Tijdens een kop koffie had ik alle tijd om me te verdiepen in die bijzondere naam. Die blijkt ons te herinneren aan de tijd dat de fiets in Nederland in opkomst was en nog een veel belangrijker vervoersmiddel was dan de auto.

De fiets is uitgevonden in de negentiende eeuw. Dat begon in 1817 in Duitsland met de uitvinding van een houten loopfiets met stalen wielen. Vanwege de manier van voortbewegen werd dat apparaat al snel velocipède (‘met snelle voeten’) genoemd, maar die naam werd in de periode daarna ook voor andere soorten fietsen gebruikt. In de loop van de eeuw ontwikkelde het voertuig zich via allerlei varianten – zoals de ‘hoge bi’ met het enorme voorwiel – tot een fiets die lijkt op het voertuig zoals we dat nu kennen. In 1862 verscheen bijvoorbeeld de eerste fiets met trappers, in 1885 werd de kettingaandrijving geïntroduceerd en in 1898 de terugtraprem. Belangrijke stappen in de ontwikkeling van de fiets – en vooral ook voor dit verhaal, zoals je verderop zult zien – waren de uitvinding van de luchtband in 1887 door John Dunlop en de introductie van de luchtband met binnenband in 1889 door de gebroeders Michelin.

Jongemannen

De fietsen werden door al die ontwikkelingen steeds comfortabeler en veiliger, en daarmee werd het fietsen ook steeds populairder. Her en der in het land ontstonden fietsverenigingen van vooral jongemannen die samen toertochten maakten op hun fiets. In 1883 bedacht een aantal van die clubs dat het goed was zich te verenigen in de Nederlandsche Vélocipèdisten Bond, wat twee jaar later werd aangepast tot Algemene Nederlandse Wielrijders Bond.

Slappe band

De ANWB organiseerde toertochten, fietswedstrijden en andere evenementen voor de leden. De bond ondernam daarnaast allerlei initiatieven om het recreatieve verkeer te stimuleren. Zoals Michelin dat in Frankrijk deed, zorgde de ANWB in Nederland voor bewegwijzering en wegenkaarten. Ze lobbyden voor de aanleg van speciale fietspaden en toen dat niet snel genoeg ging, gingen ze die maar zelf aanleggen. En om ervoor te zorgen dat fietsers onderweg niet strandden met een slappe band, was er op allerlei strategische plaatsen een fietspomp beschikbaar.

Gevel

Een van die plaatsen was een café dat al vanaf het einde van de negentiende eeuw was gevestigd aan de Havenoordseweg in Waarde. Het café heette officieel Luchtenburg, maar er waren maar weinig mensen die het ook zo noemden. Op de gevel van het café hing namelijk een bord van de ANWB waarop in kapitale letters ‘Voetpomp’ stond, om aan te geven dat er voor fietsers een pomp beschikbaar. Het café stond daardoor algemeen bekend als De Voetpomp.

Brand

Het café werd in 1978 door een brand verwoest; het was toen al een tijdje niet meer in bedrijf. Ongeveer in dezelfde periode werd bij de aanleg van de A58 door Zeeland een verzorgingsplaats aangelegd vlak bij Waarde. Daar leeft de bijzondere bijnaam van het café voort. In plaats van fietsen razen er nu dagelijks auto’s voorbij. Natuurlijk is er een pomp aanwezig zodat automobilisten er tijdens een pitstop hun autobanden op spanning kunnen brengen.

Tekst en fotografie: René Dings
https://www.dinx.nl
https://twitter.com/rndngs


Meer weten? Neem contact op.

VEMOBIN Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte
van de ontwikkelingen

Meld je aan voor onze nieuwsbrief