06
juni
Door: jbessembinders
Marieke Donkervoort, voorzitter Nationale Agenda Laadinfrastructuur: ‘De laadpaal is een oplossing, geen belemmering’
Laat infrastructuur niet de bottleneck zijn voor elektrificatie. Met die missie werd de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) vijf jaar geleden opgericht. De doelstelling is ruimschoots gehaald, aldus voorzitter Marieke Donkervoort, maar ze benadrukt dat we er nog lang niet zijn. Zo zijn er nog regio’s waar onvoldoende publieke laadpalen zijn en staat de opkomst van elektrisch vrachtverkeer nog in de kinderschoenen. Er zijn constant weer nieuwe uitdagingen waarvoor de partijen die zijn verenigd in de NAL oplossingen moeten vinden. “We zitten in een transitie van een oude situatie naar een nieuwe situatie en het kost soms moeite om daaraan te wennen.”
Je bent nu bijna een jaar voorzitter van de NAL. Wat gaat volgens jou goed en wat kan beter?
Marieke Donkervoort: “We zijn opgericht met als missie dat laadinfra geen belemmering mag zijn om elektrisch te gaan rijden. En de afgelopen vijf jaar is duidelijk gebleken dat de infra inderdaad geen belemmering is. Als je kijkt wat er is gerealiseerd aan publieke laadinfrastructuur voor personenauto’s, dan gaat het eigenlijk hartstikke goed. Maar het kan altijd beter. De Nationale Agenda Laadinfrastructuur biedt een platform aan alle betrokken partijen – netbeheerders, overheden, marktpartijen – om elkaar op te zoeken en naar elkaar te luisteren. We inventariseren wat er kan, wat er nodig is en waar de wensen liggen. En ook waar de obstakels zitten en hoe we die kunnen oplossen met elkaar.”
Welke obstakels zie je zoal?
“We lopen elke keer weer tegen nieuwe uitdagingen aan. Vergunningstrajecten die niet soepel verlopen, ruimtelijke vraagstukken, de verdere uitrol van de infrastructuur. Er zijn nog enkele witte vlekken op de kaart waar nog onvoldoende publieke laadpalen zijn. Bijvoorbeeld in het noorden van het land. Mensen laden daar vooral thuis op, maar er moeten natuurlijk ook voldoende mogelijkheden zijn om langs de weg te laden. Hoe houd je die business case gezond voor iedereen?
“Een ander punt is de herinrichting van tankstations langs de snelweg. Dat vraagstuk ligt natuurlijk ook bij sommige leden van VEMOBIN op tafel. De vereniging heeft zich duidelijk uitgesproken als voorstander van elektrificatie, maar sommige leden zien verzorgingsplaatsen van oudsher vooral als een plek om te tanken, niet om te laden. Het kost soms moeite om daaraan te wennen, want we zitten in een transitie. We laten het oude los en moeten naar een nieuwe situatie, maar niemand weet nog precies hoe die eruitziet. Mijn boodschap aan hen zou zijn: jongens, beweeg mee, anders faseer je jezelf uit de markt. Wees onderdeel van de nieuwe toekomst.”
Elektrisch rijden is niet meer zo aantrekkelijk als vroeger, de brandstofauto blijft populair. Heeft dat invloed op jullie werkzaamheden?
“Als je kijkt naar de cijfers, dan is er nog steeds een stijgende lijn in de opkomst van elektrische personenauto’s. Die lijn stijgt nu iets minder hard dan voorheen, maar er is geen sprake van daling of teruggang. Ook de elektrificatie van personen- en bestelbusjes verloopt stabiel. Een ander verhaal is vrachtverkeer. Het is heel interessant om te bedenken hoe die markt zich verder gaat ontwikkelen. Hoe gaan we de laadinfrastructuur daarvoor inrichten? Welke business cases ontstaan, welke rol hebben gemeenten, netbeheerders en marktpartijen hierin? Hoe verhouden het hoofdwegennet en het onderliggende wegennet zich tot elkaar? Hoe willen we het laadgedrag beïnvloeden? Wordt het geheel elektrisch of toch ook hybride? Er liggen genoeg scenario’s, maar daar moet het Rijk nog wel even wat principekeuzes maken. Waarmee de partners binnen de NAL vervolgens aan de slag kunnen om de puzzel gezamenlijk te leggen.”
We hebben nu al te maken met netcongestie. Kan het elektriciteitsnet deze ontwikkeling wel aan?
“De laadinfrastructuur biedt juist een oplossing voor netcongestie. Al die palen bij elkaar geven de netbeheerder enorme mogelijkheden om de pieken en dalen in vraag en aanbod van stroom op te vangen door ze sneller of langzamer te laten laden. Daarvoor is het wel van belang dat de palen slim worden, zodat je ze op afstand of geautomatiseerd kan sturen. En dat ze onderling met elkaar kunnen communiceren en gegevens kunnen uitwisselen. Dat is een grote omslag. We moeten gezamenlijke dataprotocollen opstellen, spelregels harmoniseren, prijzen transparant maken. Daarover zijn we binnen de NAL druk in gesprek.”
Deel dit bericht