04

december

Columns

Door: Jan-Willem van den Beukel

Snoeien in het regelwoud

Het kabinet zegt knellende regelgeving en nationale koppen te willen schrappen. Goed idee! De gekkigheid waarmee we te maken hebben is namelijk eindeloos, zo bleek uit een recente uitspraak door de Raad van State. Want na maar liefst vier jaar procederen heeft ons hoogste rechtsorgaan een overtreding van tafel geveegd die te maken heeft met de watertemperatuur van nooddouches. In het kort: volgens de Nederlandse Arbeidsinspectie van het ministerie van Sociale Zaken is gewoon leidingwater te koud en bestaat er dan het risico op onderkoeling. Het water zou tussen de 15 en 37 graden moeten zijn. Eén zogenaamde ‘overtreder’ was de discussie met de inspectie zat en stapte naar de Raad van State, met succes. Voordat u denkt: “Waar gáát dit over?” Dit gaat over grote bedrijven die onterecht als overtreder worden aangemerkt en achteraf bezien zonder reden miljoenen hebben geïnvesteerd. Geld, dat ook geïnvesteerd had kunnen worden in echte veiligheid.

Om te huilen
Toegegeven: ik kon een grijns niet onderdrukken toen ik van de uitspraak hoorde, maar eigenlijk is het om te huilen. Want deze uitspraak past in een patroon waarin toezichthouders en bewindspersonen op de stoel van de werkgever gaan zitten om tot in detail te bepalen welke maatregelen zij moeten treffen om schoner, duurzamer en veiliger te worden. Dat gaat tot in het extreme door, met als gevolg dat bedrijven fors moeten investeren in maatregelen – of in rechtszaken, zonder dat ons land er echt veiliger of schoner door wordt. Want zeg nou zelf: hoe cruciaal is het dat een bedrijf alle niet-veiligheidskritische instrumenten van waarschuwende stickers voorziet? Ook als er geen mens in de buurt van die instrumenten komt, het bedrijf zijn veiligheidsbeleid op orde heeft en de veiligheidskritische apparatuur al lang van verplichte waarschuwingen is voorzien? Nee, de Raad van State vond dat eigenlijk ook niet nodig, zo bleek ook hier na jarenlang procederen.

Gebrekkige onderbouwing
Deze gerechtelijke beslissingen tonen ook aan dat de onderbouwing voor overtredingen vaak rammelt. Voor de nooddouches beriep het ministerie zich op een inmiddels niet meer bestaande richtlijn van de Brandwondenstichting uit 2014. Maar de Raad van State analyseerde: “In de richtlijn is niet bepaald dat de temperatuur tussen 15 en 37 graden Celsius moet zijn”. En: “…met een enkele verwijzing naar een mogelijk risico op onderkoeling bij het spoelen van een brandwond met onverwarmd leidingwater heeft de staatssecretaris niet aannemelijk gemaakt dat de geëiste maatregel [in dit geval] noodzakelijk is”. Ondertussen hebben veel bedrijven mobiele nooddouches neergezet, of warmwaterleidingen aangelegd. Geen wonder dat de industrie in ons land de noodklok luidt over de bedilzucht, en steeds vaker voor zijn investeringen naar het buitenland kijkt.

Nationale kop van 2 miljard
Nationale koppen op Europese wetgeving schieten ondanks het kabinetsvoornemen nog steeds als paddenstoelen uit de grond. Om de volgende kop en het volgende drama vóór te zijn, roep ik staatssecretaris Jansen en de Tweede Kamer daarom op om kennis te nemen van een interpretatie van de Richtlijn Bodembescherming genaamd ‘BB-CVM’ die ervoor zorgt dat onder alle grote opslagtanks, ook bestaande, een nieuwe betonvloer moet worden gestort. Dat gaat in Nederland ongeveer 2 miljard euro kosten, gebeurt in geen enkel ander Europees land, en een onderbouwing van de maatschappelijke kosten die hiermee worden voorkomen, ontbreekt (wederom). De eerste ‘overtredingen’ zijn alweer geconstateerd, terwijl het bedrijfsleven haalbare en betaalbare alternatieve oplossingen voor meer bodembescherming voorstelt. Wie schiet te hulp?

Jan Willem van den Beukel
Directeur VEMOBIN

Deel dit bericht