10

december

Door: Jan-Willem van den Beukel

Voer een buurlandentoets in

Er zijn veel manieren om onze welvaart te ondermijnen: verzuimen om publieke infrastructuur te onderhouden en op de lange termijn te plannen is zo’n manier. Het stikstofprobleem als een hete aardappel voor je uitschuiven, is een andere. Een meer omvattend probleem is het ongelijk speelveld binnen Europa’ Maar wat bedoelen we daar precies mee: ongelijktijdige implementatie van RED-III, het verschil in netkosten, een verbod op massabalansen van bio-LNG, of dreigende ….? Eh, ja, het gaat over dit alles.

Handelsbarrières

Pleiten voor een gelijk speelveld is dus lastig, want veelkoppig, maar wel hard nodig, want het ondermijnt onze welvaart: het IMF becijferde dat tussen EU-lidstaten handelsbarrières bestaan ter grootte van een equivalent tarief van 44 procent voor producten, en van 110 procent voor diensten. Al valt op die percentages best wat af te dingen, feit is dat alleen al die verschillende implementaties van Europese richtlijnen leiden tot talloze inefficiënties. Neem de elektrolyser die bp nu in Duitsland bouwt. Die had natuurlijk aan de Noordzee moeten staan, maar landt door een snellere invoer van de raffinageroute en lagere netkosten in Duitsland nu net over de grens. Gevolg: TenneT moet al die groene elektronen eerst door Nederland heen vervoeren, om pas in Duitsland te worden omgezet in groene waterstof. Wat een verspilling! Een ander klassiek voorbeeld: de vrijwel gelijktijdige Atomausstieg in Duitsland en de Atomeinstieg in Nederland.

Implementaties van Europese richtlijnen leiden tot talloze inefficiënties

Drie ideeën

Dat brengt mij op een van de oorzaken van een ongelijk speelveld: parlementariërs leggen nationaal verantwoording af. En nationale sentimenten variëren, zoals ten aanzien van kernenergie. Er is immers nog geen Europese publieke ruimte waarin makkelijk consensus ontstaat. In de Brusselse bubbel leest men wel de Financial  Times, Politico en Euractiv, maar daarbuiten toch echt in zijn/haar eigen taal Le Monde, Frankfurter Allgemeine Zeitung en het FD. Hoe lossen we dit euvel dan op? Ik heb drie ideeën:

  • Ten eerste moedig ik Europarlementariërs van harte aan om veel meer verordeningen en minder richtlijnen uit te vaardigen. Ja, dat kan ten koste gaan van maatwerk, maar het bevordert de eenvoud. En die is nu harder nodig.
  • Ten tweede zou het nieuwe Nederlandse kabinet direct na zijn constituerend beraad een tweede ‘constituerend beraad’ moeten beleggen samen met de Belgische en mogelijk ook Duitse kabinetten. Door meteen vanaf de start de ministers in tandem te laten werken, leg je de basis voor harmonisatie van beleid.
  • Ten derde moet je een gelijk speelveld institutioneel verankeren in de wetgevings-machinerie met een ‘buurlandentoets’. Dat idee, afkomstig van em. lector energietransitie Martien Visser, hebben D66 en het CDA overgenomen in hun regeeragenda. Alle wetgeving met potentiële invloed op het speelveld zou aan zo’n toets moeten worden onderworpen, door bijvoorbeeld het onafhankelijke Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). Dan maken Kamerleden en bewindspersonen tenminste een bewuste keuze voor een meer of minder gelijk speelveld. Nu tasten zij daarvoor op het moment dat het ertoe doet te vaak in het duister, om achteraf via de Speelveldtoets van PwC te constateren dat de verschillen onacceptabel groot zijn. Omdat voorkomen beter is dan genezen: voer snel die toets in!

Deel dit bericht