18
april
Door: Jan-Willem van den Beukel
Voorjaarsnota: ‘Kom snel met aanvullend industriepakket’
Uit de Voorjaarsnota 2025 blijkt dat het kabinet de raffinagesector en de energie-intensieve industrie volledig in de steek laat. Tot teleurstelling van duizenden werknemers en bedrijven bevat de Voorjaarsnota namelijk geen enkele maatregel die tegemoetkomt aan de dringende zorgen van de industrie, maar wordt wel gesneden in het Klimaatfonds. Dit is onbegrijpelijk en onacceptabel – juist nu investeringen stilvallen en concurrenten in het buitenland wél kunnen rekenen op constructief beleid, kiest het kabinet ervoor om de Nederlandse industrie aan haar lot over te laten. VEMOBIN slaakt daarom een noodkreet: het kabinet moet snel een aanvullend industriepakket presenteren om verdere schade te voorkomen.
In de Voorjaarsnota ontbreekt een hele reeks cruciale maatregelen die de sector in de achterliggende maanden aan het kabinet heeft voorgesteld:
- Verlaging van de nettarieven voor grootverbruik (onveranderd hoge netwerk- en systeemkosten) tot het niveau van de buurlanden;
- Herinvoering van de volumecorrectieregeling (een korting op de elektriciteitsrekening die eerder gold voor energie-intensieve gebruikers);
- Schrappen van de correctiefactor op de raffinageroute (de kunstmatige strafheffing op het meetellen van duurzame brandstoffen uit raffinage blijft onverkort staan);
- Robuuste implementatie van de Europese richtlijn voor duurzame energie RED III zonder extra nationale eisen (snelle invoer met targets voor alle transportmodaliteiten)
- Afschaffing van de nationale CO₂-heffing voor de industrie (Nederland blijft het enige land met extra heffing voor de CO₂-uitstoot, bovenop het Europese emissiehandelssysteem ETS);
- Opname van raffinaderijen in de indirecte kostencompensatie IKC (raffinaderijen blijven uitgesloten van deze regeling terwijl buurlanden hun raffinaderijen wél compenseren);
- Investeringen in groene infrastructuur voor transport van waterstof, CO2, elektriciteit, ammoniak en in CCS;
- Concrete inzet op Europese vraagcreatie naar duurzame brandstoffen en producten.
VEMOBIN rekent erop dat het kabinet snel met een aanvullend pakket komt dat deze maatregelen wél adresseert – zonder dit fundament is er namelijk geen gelijk speelveld met onze buurlanden en geen geloofwaardig industrie- en klimaatbeleid mogelijk.
Cruciale fout
Het weglaten van al deze punten is een cruciale fout. De regering erkent nota bene zelf dat de basisindustrie in Nederland op het spel staat: als verduurzamen hier niet rendeert, dreigt de basisindustrie te vertrekken – met grote gevolgen voor andere bedrijven, werkgelegenheid en strategische autonomie. De Tweede Kamer vroeg vorige maand nog om een crisisoverleg tussen de industrie, de premier en de verantwoordelijke ministers. Toch blijft actie vooralsnog uit. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) waarschuwde al dat met het huidige beleid de industriële klimaatdoelen voor 2030 niet gehaald worden. Iedere maand vertraging betekent een grotere kans dat bedrijven investeringen elders doen of zelfs besluiten hun productie hier te sluiten. Dit scenario wordt met de dag reëler nu niets is gedaan om de randvoorwaarden voor industriële bedrijven te verbeteren. VEMOBIN vreest een domino-effect: industriële bedrijven zijn nauw met elkaar verbonden, waardoor het wegvallen van een basisspeler hele ketens in gevaar brengt – denk bijvoorbeeld aan raffinaderijen en chemische bedrijven die samen in dezelfde keten opereren, en aan de bevoorrading en benodigdheden van onze krijgsmacht. Economische kracht, klimaatambities én Europese strategische belangen staan hierdoor op het spel.
Het Klimaatfonds is géén saldoknop, maar een strategisch instrument om de industriële energietransitie aan te jagen.
Snijden in Klimaatfonds doet pijn
Wat deze Voorjaarsnota extra wrang maakt, is dat het kabinet niet alleen nalaat om steun te bieden aan de energie-intensieve industrie en tegelijkertijd snijdt in het Klimaatfonds – het fonds dat juist bedoeld is om industriële verduurzaming mogelijk te maken en de doelen van het Klimaatakkoord te realiseren. Er verdwijnt 600 miljoen euro naar een ander begrotingsdoel. Dat is niet alleen een financiële aderlating, maar ook een pijnlijk signaal richting bedrijven die willen investeren in elektrificatie, waterstof en CCS. Het Klimaatfonds is géén saldoknop, maar een strategisch instrument om de industriële energietransitie aan te jagen. VEMOBIN roept de Tweede Kamer op om dit onzalige voornemen te herzien.
Buitenbeentje in Europa
Daarnaast versterkt uitblijvend beleid ongelijkheid tussen landen binnen Europa. In de onlangs gepresenteerde Clean Industrial Deal benadrukt dat Europese Commissie dat klimaatinvesteringen een kans bieden voor economische groei. Onze buurlanden voelen dat goed aan en nemen wél maatregelen om hun industrie door de transitie te loodsen: Duitsland heeft in zijn nieuwe regeerakkoord van vorige week onder meer structureel beleid aangekondigd om de energielasten voor alle bedrijven te verlagen en hun concurrentiekracht te versterken. In België zet de nieuwe regering de concurrentiekracht centraal in het klimaat- en energiebeleid met een verlaging van de elektriciteitsaccijns en netkosten voor elektriciteits-intensieve bedrijven. Kortom, elders in Europa krijgen industriële koplopers steun en een concurrerend speelveld, conform de oproep van de Europese Commissie, terwijl Nederland hen straft met de hoogste lasten. Zo worden we het buitenbeentje van Europa, terwijl ons land vanwege zijn ligging aan de Noordzee, goede havenfaciliteiten en wegennet juist uitstekende papieren heeft om het voortouw in de klimaat- en energietransitie te nemen.
Nu actie nodig
VEMOBIN roept het kabinet daarom met klem op tot een koerswijziging. Wacht niet tot het te laat is. Er moet per direct een substantieel pakket komen specifiek voor de industrie. Dit pakket moet de hierboven genoemde missende maatregelen alsnog oppakken. Alleen zo houden we onze industriële slagaders vitaal en voorkomen we dat investeringen, productie, kennis en banen wegvloeien naar het buitenland. Ieder verder uitstel vergroot de economische schade en de kans dat Nederland zijn klimaatdoelen mist. Onze industrie heeft nú actie nodig – het is vijf over twaalf.
Deel dit bericht